39. verzoekt de lidstaten, bij de uitoefening van het recht op vrij verkeer, om burgers van de Unie en hun familieleden geen
ongerechtvaardigde administratieve lasten op te leggen, aangezien deze niet expliciet zijn voorzien door de richtlijn vrij verkeer, ingaan tegen het communautaire recht
en een belemmering vormen voor het uitoefenen van een vrijheid waarin, onafhankelijk van de afwikkeling van administratieve zaken, rechtstreeks wordt voorzien door het EG-Verdrag; herinnert de lidstaten eraan dat het hun pli
...[+++]cht is de afwikkeling te vergemakkelijken van de administratieve praktijken die verband houden met de uitoefening van het recht op vrij verkeer;
39. demande aux États membres qu'en rendant effectif le droit de libre circulation, ils ne grèvent pas les citoyens de l'Union et les membres de leur famille de charges administratives injustifiées pour n'être pas expressément prévues par la directive sur la libre circulation, être contraires au droit communautaire et entraver l'exercice d'une liberté qui, indépendante de l'accomplissement de pratiques administratives, est directement inscrite dans le traité CE; rappelle aux États membres qu'ils ont pour devoir de favoriser l'accomplissement des formalités administratives liées à l'exercice du droit de libre circulation;