Artikel 1. Het inschrijvingsgeld bedoeld in artikel 428ter, § 4, van het Gerechtelijk Wetboek, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 2 mei 1996 en gewijzigd bij het koninklijk besluit van 27 maart 1998, en dat de gegadigde aan de Nationale Orde van Advocaten moet storten bij de indiening van zijn verzoek, wordt vastgesteld op 15 000 BF.
Article 1. Le droit d'inscription visé à l'article 428ter, § 4, du Code judiciaire, y inséré par l'arrêté royal du 2 mai 1996 et modifié par l'arrêté royal du 27 mars 1998, et à verser par le candidat à l'Ordre national des avocats, lors de l'introduction de sa requête, est fixé à 15 000 FB.