HOOFDSTUK IX. - Gevallen van overmacht en uitzonderlijke omstandigheden Art. 91. Overeenkomstig artikel 2, § 2, van Verordening (EU) nr. 1306/2013 is er sprake van overmacht in minstens één van de volgende gevallen : 1° de begunstigde i
s overleden; 2° de begunstigde is langdurig arbeidsongeschikt geworden; 3° het bedrijf is zwaar getroffen door een ernstige natuurramp; 4° de veehouderijgebouwen op het bedrijf zijn door een ongeluk verloren gegaan; 5° al het vee of alle landbouwgewassen van de begunstigde of een gedeelte ervan zijn getroffen door respectievelijk een epizoötie of een plantenziekte; 6° het volledige bedrijf of een gr
...[+++]oot deel daarvan is onteigend, indien deze onteigening op de dag van indiening van de aanvraag niet was te voorzien.CHAPITRE IX. - Cas de force majeure et circonstances exceptionnelles Art. 91. Conformément à l'article 2, § 2, du Règlement (UE) n° 1306/2013 les cas de force majeure sont au minimum un des cas suivants : 1° le décès du bénéficiaire; 2° l'i
ncapacité professionnelle de longue durée du bénéficiaire; 3° une catastrophe naturelle grave qui affecte de façon importante l'exploitation; 4° la destruction accidentelle des bâtiments de l'exploitation destinés à l'élevage; 5° une épizootie ou une maladie des végétaux affectant tout ou partie du cheptel ou du capital végétal de l'agriculteur; 6° l'expropriation de la totalité ou d'une grande
...[+++]partie de l'exploitation pour autant que cette expropriation n'ait pu être anticipée le jour de l'introduction de la demande d'aide.