Voor de toepassing van de punten 3.1, 3.2 en 3.3 wordt een inkomensbestanddeel geacht aan belasting te zijn onderworpen wanneer het door de betrokken jurisdictie als belastbaar is aangemerkt en niet van belasting is vrijgesteld, geen onbeperkte verrekening plaatsvindt noch het nultarief toepassing vindt.
Aux fins des points 3.1, 3.2 et 3.3, il y a lieu de considérer qu’un élément de revenu est soumis à l’imposition lorsque celui-ci est considéré comme imposable par la juridiction concernée et qu’il ne bénéficie pas d’une exonération, ni d’un crédit d’impôt intégral ni d’une imposition à taux nul.