Bij hetzelfde koninklijk besluit wordt de wetenschappelijke anciënniteit, door de betrokkene verworven ingevolge de activiteiten welke door haar werden verricht vóór haar indiensttreding als attaché met mandaat bij het Koninklijk Instituut voor het Kunstpatrimonium, meegerekend voor de berekening voor de duur van haar derde mandaat waarvan het einde derhalve wordt vastgesteld op 28 februari 2001.
Par le même arrêté royal, l'ancienneté scientifique acquise par l'intéressée suite aux activités effectuées avant son entrée en service en qualité d'attaché sous mandat à l'Institut royal du Patrimoine artistique, est prise en compte pour le calcul de la durée de son troisième mandat dont l'expiration est fixée par conséquent au 28 février 2001.