Z
o bijvoorbeeld mag krachtens artikel 2, § 2, vierde lid, van het ontworpen besluit het lid van de Vaste Beroepscommissie
voor vreemdelingen tegen wie de tuchtvordering ingesteld is, " worden bijgestaan door een persoon naar zijn keuze, die hoe dan ook geen deel mag uitmaken van de Raad van State of van de Vaste Beroepscommissie voor Vluchtelingen" , terwijl volgens artikel 19, derde lid, va
n de gecoördineerde wetten op de Raad van State de partijen zi
...[+++]ch mogen laten bijstaan of zelfs laten vertegenwoordigen, maar alleen door advocaten.
Ainsi par exemple, l'article 2, § 2, alinéa 4, de l'arrêté en projet permet au membre de la Commission permanente de Recours des Réfugiés contre qui l'action disciplinaire est intentée de " (..) se faire assister par la personne de son choix, qui ne peut faire partie, à aucun titre, du Conseil d'Etat ou de la Commission permanente de Recours des Réfugiés" , alors que, selon l'article 19, alinéa 3, des lois coordonnées sur le Conseil d'Etat, les parties peuvent se faire assister ou même représenter, mais uniquement par des avocats.