Artikel 111 van het koninklijk besluit van 8 oktober 1981 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen voorziet dat een vreemdeling die een beroep met volle rechtsmacht of een opschortend beroep van rechtswege indient (artikel 39/79, § 1, tweede lid, van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen) bij de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen in het bezit gesteld wordt van een bijzonder verblijfsdocument (« bijlage 35 » van het koninklijk besluit van 8 oktober 1981).
L'article 111, de l'arrêté royal du 8 octobre 1981 sur l'accès au territoire, le séjour, l'établissement et l'éloignement des étrangers prévoit qu'un étranger introduisant un recours de pleine juridiction ou un recours suspensif de plein droit (article 39/79, § 1, alinéa 2, de la loi du 15 décembre 1980 sur l'accès au territoire, le séjour, l'établissement et l'éloignement des étrangers) auprès du Conseil du Contentieux des Etrangers, est mis en possession d'un document spécial de séjour (« annexe 35 », de l'arrêté royal du 8 octobre 1981).