Ten aanzien van ziektevrije gebieden of compartimenten in niet ziektevrij verklaarde lidstaten en in alle gevallen waarin de omstandigheden zodanig zijn dat de desbetreffende ziekte klinisch niet tot uiting kan komen, wordt de gerichte bewaking evenwel in overeenstemming met de respectievelijk in artikel 49, lid 3, of artikel 50, lid 4, bedoelde methoden naar behoren voortgezet, op een niveau dat overeenstemt met de ernst van het risico.
Toutefois, pour les zones ou les compartiments indemnes de la maladie dans des États membres non déclarés indemnes de la maladie, et dans tous les cas où les conditions ne sont pas propices aux manifestations cliniques de la maladie en question, la surveillance ciblée se poursuit conformément aux méthodes prévues par l'article 49, paragraphe 3, ou l'article 50, paragraphe 4, le cas échéant, mais à un niveau approprié au degré de risque.