In de Kamercommissie werd opgeworpen dat dit artikel niet meer herzien kon worden, omdat de bevoegdheid van de constituante terzake uitgeput zou zijn door de herziening van dit artikel (61) met het oog op de afschaffing van het onderscheid tussen de grote en kleine naturalisatie (62), waardoor reeds geheel werd tegemoetgekomen aan de bedoeling van de preconstituante.
La Commission de la Chambre objecta que cet article ne pouvait plus être revu, parce que la saisine de la constituante en la matière était épuisée après la révision de cet article (61) visant à supprimer la distinction entre la grande et la petite naturalisation (62), qui avait déjà pleinement mis en oeuvre les intentions de la préconstituante.