In het onderhavige geval stelt het Comité I vast dat de klager gedurende een periode van 13 jaar zijn functie op het kabinet van Landsverdediging heeft behouden, hoewel de duur van zijn veiligheidscertificaat was verstreken en hij dus niet over een geldig certificaat beschikte overeenkomstig de geldende regels.
Dans le cas d'espèce, on se trouve donc en présence d'une période de 13 années pendant laquelle le plaignant a conservé ses fonctions au cabinet de la Défense nationale avec un certificat de sécurité périmé et donc non valable aux termes des règles en vigueur.