Ofschoon de in het geding zijnde bepaling niet kan worden gekwalificeerd als een interpretatieve norm, waaraan bovendien door geen enkel ander artikel van de programmawet van 9 juli 2004 uitdrukkelijk terugwerkende kracht werd verleend, blijkt zowel uit het opschrift van hoofdstuk XII van die programmawet, waa
rvan artikel 49 het enige artikel vormt, als uit de in B.8.1 en B.8.2 vermelde parlementaire voorbereiding ervan, dat het de uitdrukkelijke wil van de wetgever is
geweest daaraan een retroactief effect te geven, zo ...[+++]dat het van toepassing moet worden geacht op feiten die nog niet het voorwerp hebben uitgemaakt van een in kracht van gewijsde gegane rechterlijke beslissing.Bien que la disposition en cause ne puisse pas être qualifiée de norme interprétative et que, de surcroît, aucun autre article de la loi-programme du 9 juillet 2004 ne lui confère exp
licitement un effet rétroactif, tant l'intitulé du chapitre XII de cette loi-programme, dont l'article 49 constitue l'unique article, que les travaux préparatoires mentionnés en B.8.1 et B.8.2 font apparaître que l'intention expresse du législateur a été de donner à cette disposition une portée rétroactive, de sorte qu'elle doit être considérée comme applicable aux faits qui n'ont pas encore donné lieu à une décision judiciaire passée en
...[+++] force de chose jugée.