De voorliggende ontwerp-Grondwet leidt niet tot een maatschappelijk aanvaardbaar gemeenschappelijk landbouwbeleid. Daarom dient het uitbreiden van het medebeslissingsrecht naar het gemeenschappelijk landbouwbeleid in een toekomstig Verdrag als prioriteit te worden aangemerkt, waarbij met name in de artikelen III-230, lid 2 en III-231, lid 2 van de onderhavige tekst de resterende mazen kunnen worden gedicht.
Ce projet de Constitution ne consiste pas à créer une politique agricole commune acceptable pour l’ensemble de la société et, par conséquent, une des priorités de tout traité futur doit consister à étendre la codécision à la politique agricole commune et, en particulier, à mettre fin aux échappatoires encore présentent aux articles III-230, paragraphe 2, et III-231, paragraphe 2, du texte tel qu’il existe actuellement.