Vanaf aanslagjaar 1986 mogen de burgemeesters, de schepenen en de voorzitters van de openbare centra voor maatschappelijk welzijn zonder nadere rechtvaardiging, van hun inkomsten verbonden aan hun mandaat, een forfaitair bedrag aan beroepskosten aftrekken dat overeenstemt met het jaarbedrag, vastgesteld op 1 januari van het inkomstenjaar, van de bezoldigingen van de burgemeester, schepen of voorzitter van het OCMW van de kleinste gemeente van het Rijk.
Depuis l'exercice d'imposition 1986, les bourgmestres, les échevins et les présidents des centres publics d'aide sociale peuvent, sans autre justification, déduire des revenus afférents à leur mandat, un montant forfaitaire pour frais professionnels correspondant au montant annuel, fixé le 1er janvier de l'année d'imposition, des rémunérations des bourgmestres, échevins ou président du CPAS de la plus petite commune du Royaume.