De Franse Gemeenschapsregering stelt vast dat de eerste tussenkomende partij in gebreke blijft om aan te tonen dat zij, vóór het indienen van haar verzoekschrift tot tussenkomst, de voorwaarden inzake bekendmaking en de formaliteiten heeft vervuld die zijn voorgeschreven door de artikelen 3, 9, 10 en 11 van de wet van 27 juni 1921 « waarbij aan de vereenigingen zonder winstgevend doel en aan de instellingen van openbaar nut rechtspersoonlijkheid wordt verleend ».
Le Gouvernement de la Communauté française constate que la première partie intervenante se trouve en défaut de prouver l'accomplissement, avant l'introduction de sa requête en intervention, des publications et formalités requises par les articles 3, 9, 10 et 11 de la loi du 27 juin 1921 accordant la personnalité civile aux associations sans but lucratif et aux établissements d'utilité publique.