2. De lidstaten zorgen ervoor dat deze samenwerking niet wordt gehinderd door de nationale status van het bureau voor de ontneming van vermogensbestanddelen naar nationaal recht, ongeacht of het bureau deel uitmaakt van een administratieve, een rechtshandhavings-, dan wel een justitiële autoriteit.
2. Les États membres veillent à ce que le statut des bureaux de recouvrement des avoirs en vertu du droit national n’entrave pas cette coopération, que ces bureaux fassent partie d’un service administratif, répressif ou judiciaire.