De verzoekende partijen vergelijken op dat punt de situatie van de bedoelde minderjarigen met die van de minderjarigen die niet deelnemen aan een bemiddelingsprocedure of een herstelgericht groepsoverleg, alsook met de situatie van de personen die vallen onder de gemeenrechtelijke strafgerechten, die zich luidens artikel 553, § 4, van het Wetboek van strafvordering tijdens de bemiddeling kunnen laten bijstaan door een advocaat.
Les parties requérantes comparent, sur ce point, la situation des mineurs visés avec celle des mineurs qui ne participent pas à une procédure de médiation ou de concertation restauratrice en groupe ainsi qu'avec la situation des personnes relevant des juridictions pénales de droit commun qui, aux termes de l'article 555, § 4, du Code d'instruction criminelle, peuvent se faire assister par un avocat au cours de la médiation.