1. Op het einde van elk begrotingsjaar stelt de directeur een jaarlijks activiteitenverslag op waarin hij met name verantwoording aflegt over de wetenschappelijke, operationele en financiële aspecten van de in artikel 2, lid 1, bedoelde activiteiten.
1. À la fin de chaque exercice financier, le directeur élabore un rapport d’activité annuel qui rend en particulier compte des aspects scientifiques, opérationnels et financiers des activités visées à l’article 2, paragraphe 1.