13. roept de lidstaten op door middel van nationale en regionale ontwikkelingsprogramma's een levensbestrijkende benadering van werk voor te staan, een arbeidsmarkt zonder enige uitsluiting te waarborgen, werken aantrekkelijker te maken en het voor werkzoekenden (met inbegrip van minder bevoorrechte en langdurige werkloze mensen) lonend te maken om aan de slag te gaan;
13. demande aux États membres de promouvoir, par des programmes de développement nationaux et régionaux, une approche du travail basée sur le cycle de vie, de garantir des marchés du travail favorables à l'insertion, d'améliorer l´attractivité du travail et de rendre le travail rentable pour les demandeurs d'emploi, y compris les personnes handicapées, et les personnes inactives;