Het recht op de toelage bedoeld in het eerste lid is pas geldig voor zover, naargelang het geval, de benoeming bedoeld in de artikelen 88, tweede lid of 98, tweede lid niet heeft plaatsgevonden binnen de drie maanden die volgen op het slagen in de bekwaamheidsproef of de toekenning van weddenschaal A4a bedoeld in artikel 96, tweede lid niet heeft plaatsgevonden binnen de drie maanden die volgen op de maand geduurde dewelke de commissaris zou hebben kunnen genieten van de weddenschaal in geval van vacature.
Le droit à l'allocation visé à l'alinéa 1 ne prend cours que pour autant que, selon le cas, la nomination visée aux articles 88, alinéa 2 ou 98, alinéa 2 ne soit pas intervenue dans les trois mois qui suivent la réussite de l'épreuve de capacité ou que l'attribution de l'échelle A4a visée à l'article 96, alinéa 2 ne soit pas intervenue dans les trois mois qui suivent celui au cours duquel le commissaire aurait pu bénéficier de l'échelle barémique en cas de vacance.