De richtlijn heeft ten doel de negatieve milieueffecten van de verbranding en meeverbranding van afval, in het bijzonder de verontreiniging door emissies in lucht, bodem, oppervlaktewater en grondwater, alsmede de daaruit voortvloeiende risico's voor de menselijke gezondheid, te voorkomen of, wanneer dat niet uitvoerbaar is, zoveel mogelijk te verminderen door voor verbrandings- en meeverbrandingsinstallaties strenge exploitatievoorwaarden, technische voorschriften en emissiegrenswaarden vast te stellen.
La directive a pour objectif de prévenir ou de limiter dans toute la mesure du possible les effets négatifs de l'incinération et de la coïncinération de déchets sur l'environnement, en particulier en ce qui concerne la pollution due aux émissions dans l'air, le sol, les eaux de surface et les eaux souterraines, ainsi que les risques qui en résultent pour la santé humaine.