1. De amendementen 1 en 2 liggen in de lijn van het wetsvoorstel, dat een nieuwe verjaringsstuitende regeling invoert in artikel 2244 van het Burgerlijk Wetboek, terwijl amendement 3 artikel 2255 van het Burgerlijk Wetboek herstelt door een nieuwe regeling inzake de schorsing van de verjaring voor te schrijven. De wetgever zou bij de parlementaire voorbereiding dan ook de redenen moeten uiteenzetten voor het gebruik van de ene veeleer dan de andere techniek.
1. En ce que les amendements n 1 et 2 s'inscrivent dans la ligne de la proposition de loi, qui introduit un nouveau mode d'interruption de la prescription à l'article 2244 du Code civil, alors que l'amendement nº 3 rétablit l'article 2255 du Code civil en y prévoyant un nouveau mode suspensif de la prescription, il conviendrait qu'au cours des travaux préparatoires, le législateur expose les raisons qui justifient le recours à l'une plutôt qu'à l'autre technique.