oefent, onverminderd lid 2, met betrekking tot het personeel van het Bureau de bevoegdheden uit die krachtens het Statuut van de ambtenaren van de Europese Unie en de Regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden van de Unie (hierna: „het Statuut” en „de Regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden”), zoals vastgelegd in Verordening (EEG, Euratom, EGKS) nr. 259/68 , respectievelijk zijn verleend aan het tot aanstelling bevoegde gezag en aan het tot het aangaan van overeenkomsten bevoegde gezag.
sous réserve du paragraphe 2, exerce, vis-à-vis du personnel de l'Agence, les compétences conférées par le statut des fonctionnaires de l'Union européenne et le régime applicable aux autres agents de l'Union (ci-après dénommés «statut des fonctionnaires» et «régime applicable aux autres agents»), fixés par le règlement (CEE, Euratom, CECA) no 259/68 à l'autorité investie du pouvoir de nomination et à l'autorité habilitée à conclure les contrats d'engagement.