Art. 3. § 1. De wedde die in aanmerking genomen wordt voor de toepassing van artikel 16, tweede lid, van het koninklijk besluit van 11 januari 2007 houdende het geldelijke statuut van het personeel van het Belgisch Instituut voor postdiensten en telecommunicatie, is de wedde die de ambtenaren op datum van hun overgang genoten, verhoogd met een toelage van 3.186,72 euro voor de ambtenaren van de niveaus B, C en D, en van 4.207,57 euro voor de ambtenaren van het niveau A, als compensatie voor het verlies van de toelage bedoeld in artikel 6, tweede lid, van het koninklijk besluit van 9 oktober 1992 betr
effende de dienst « ombudsman » in sommige autono ...[+++]me overheidsbedrijven en voor andere voordelen.
Art. 3. § 1. Le traitement pris en considération pour l'application de l'article 16 de l'arrêté royal du 11 janvier 2007 portant statut pécuniaire de l'Institut belge des services postaux et des télécommunications est le traitement dont les agents bénéficiaient à la date de leur transfert, augmenté d'une allocation de 3.186,72 euros pour les agents des niveaux B, C et D, et de 4.207,57 euros pour les agents du niveau A, en compensation de la perte de l'allocation visée à l'article 6, 2 alinéa, de l'arrêté royal du 9 octobre 1992 relatif au service de médiation dans certaines entreprises publiques autonomes et d'autres avantages.