4. Indien een CTP otc-derivaten cleart die, volgens een beoordeling van de in lid 2 aangegeven risicofactoren, dezelfde risicokenmerken hebben als derivatentransacties die worden uitgevoerd op gereglementeerde markten of een gelijkwaardige markt van een derde land, mag de CTP voor deze contracten van een ander betrouwbaarheidsinterval van ten minste 99 % gebruikmaken als de risico’s van de otc-derivatencontracten die zij cleart bij gebruik van een dergelijke betrouwbaarheidsinterval op passende wijze worden beperkt en de voorwaarden in lid 2 worden nageleefd.
4. Lorsqu’une contrepartie centrale compense des dérivés de gré à gré qui présentent les mêmes caractéristiques de risque que des dérivés exécutés sur un marché réglementé ou sur un marché équivalent d’un pays tiers, elle peut, sur la base d’une évaluation des facteurs de risque exposés au paragraphe 2, utiliser pour ces contrats un autre intervalle de confiance qui soit d’au moins 99 %, à condition que les risques des contrats dérivés de gré à gré qu’elle compense fassent l’objet d’une réduction appropriée sur la base de cet intervalle de confiance et que les conditions énoncées au paragraphe 2 soient respectées.