40. herinnert eraan dat de erkenning en verwezenlijking van het recht op huisvesting voorwaarden zijn voor de verwezenlijking van de overige grondrechten,
met inbegrip van de politieke en sociale rechten; stelt zich derhalve op het standpunt dat de erkenning van het recht op huisvesting in het primaire
recht van de EU een uiteindelijk doel moet zijn; herinnert eraan dat de lidstaat of bevoegde overheid ervoor verantwoordelij
k is een effectieve inhoud te geven ...[+++]aan dit recht op huisvesting door via het beleid en de programma's de universele toegang tot huisvesting, in het bijzonder voor kansarmen, te verbeteren aan de hand van een toereikend aanbod van adequate, fatsoenlijke, gezonde en betaalbare woningen en de eventuele instelling van een inroepbaar recht op huisvesting; 40. rappelle que la reconnaissance et la réalisation du droit au logement conditionnent la réalisation des autres droits fondamentaux, y
compris les droits politiques et sociaux; estime par conséquent que la reconnaissance d'un droit au logement dans le droit primaire de l'Union devrait constituer un objectif ultime; rappelle que c'est à l'État membre ou à l'autorité publique en charge qu'incombe la responsabilité de rendre effectif ce droit au logement en améliorant par ses politiques et ses programmes l'accès universel au logement, particulièrement pour les personnes défavorisées, via une offre suffisante de logements adéquats, décen
...[+++]ts, sains et à un prix abordable et, le cas échéant, en instituant un droit au logement opposable;