Het gaat hier onder meer om de controle aan landsgrenzen, doorgangsassen en invalswegen naar personen die: a) in het bezit zijn of drager zijn van uniformen en/of kentekens waaruit blijkt dat zij tot een organisatie behoren die de openbare veiligheid poogt in het gedrang te brengen; b) in het bezit zijn van ordeverstorend propagandamateriaal, bijvoorbeeld pamfletten die aanzetten tot rassenhaat; c) in het bezit zijn van verboden wapens.
Dans le présent cas, il s'agissait, entre autres, d'effectuer un contrôle aux frontières, sur les axes de transit et les voies d'accès, des personnes qui: a) étaient en possession ou qui portaient des uniformes ou des signes distinctifs montrant leur appartenance à une organisation qui tente de troubler l'ordre public; b) étaient en possession de matériel de propagande perturbateur, par exemple des pamphlets attisant la haine raciale; c) étaient en possession d'armes prohibées.