Voor van zoogdieren afkomsitge eiwitten die in voeder voor gezelschapsdieren worden verwerkt kan het handelsverkeer - en het gaat hierbij om de resterende 30 % - gewoon blijven doorgaan indien de producent gebruik maakt van laagrisicomateriaal, d.i. materiaal van dieren die normaal geschikt zijn voor menselijke consumptie, en niet van gestorven of zieke dieren.
En ce qui concerne les protéines d'animaux mammifères, qui correspondent aux 30% restants, le commerce peut continuer si le producteur utilise des 'matières à faible risque', c'est-à-dire des matières provenant d'animaux reconnus 'propres à la consommation humaine', et non d'animaux morts accidentellement ou malades.