Naar het voorbeeld van paragraaf 4 van artikel 13 van het OESO-modelverdrag, is in de nieuwe Overeenkomst bepaald dat meerwaarden die door een inwoner van een overeenkomstsluitende Staat worden verkregen uit de vervreemding van aandelen van een vennootschap waarvan meer dan 50 % van de waarde onmiddellijk of middellijk bestaat uit in de andere overeenkomstsluitende Staat gelegen onroerende goederen, mogen worden belast in de overeenkomstsluitende Staat waar de onroerende goederen zijn gelegen.
À l'instar de l'article 13, paragraphe 4, du Modèle OCDE, la nouvelle Convention prévoit que les plus-values qu'un résident d'un État contractant tire de l'aliénation d'actions d'une société dont plus de 50 % de la valeur provient directement ou indirectement de biens immobiliers situés dans l'autre État contractant sont imposables dans l'État contractant où les biens immobiliers sont situés.