Bij samenlezing van de bepalingen van de artikelen 305, 307, § 1, en 346 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 blijkt dat de belastingtoestand van bestuurders en werkende vennoten (natuurlijke personen) en van vennootschappen (rechtspersonen) door twee onderscheiden fiscale ambtenaren van de sector taxatie moet onderzocht en geregeld worden.
Il ressort de la lecture conjointe des articles 305, 307, § 1er, et 346 du Code des impôts sur les revenus 1992 que la situation fiscale des administrateurs et des associés actifs (personnes physiques) et des sociétés (personnes morales) doit être traitée et réglée par deux fonctionnaires fiscaux distincts du service de taxation.