Art. 41. Na een kennisgeving door het openbaar ministerie, door de minderjarige, zijn ouders of, in voorkomend geval, zijn opvoedingsverantwoordelijken, zijn vertrouwenspersoon of door een dienstverlener, gaat het ondersteuningscentrum na of er een vermoeden van maatschappelijke noodzaak is.
Art. 41. Après une notification par le ministère public, par le mineur, ses parents ou, le cas échéant, ses responsables de l'éducation, sa personne de confiance ou un prestataire de services, le centre de soutien vérifie s'il existe une présomption de nécessité sociale.