Volgens de Raad van State ( ) kan artikel 77, eerste lid, 9° van de Grondwet «niet los van andere bepalingen gelezen worden». De Raad van State is met name van oordeel dat, «terwille van de strekking van de tekst van de Grondwet, alsook van de bevattelijkheid en de samenhang ervan», «de procedures van het volledige bicameralisme zowel toepasselijk [moeten] zijn op de organisatie van de hoven en de rechtbanken als op de vaststelling van hun bevoegdheden».
Le Conseil d'état ( ) estime que l'article 77, premier alinéa, 9° , de la Constitution «ne peut pas être lu de manière isolée» et que «l'économie du texte constitutionnel autant que son intelligence et sa cohérence veulent que les procédures du bicaméralisme égalitaire valent tant pour l'organisation des cours et tribunaux que pour la détermination de leurs attributions».