Building upon the experiences of the External Borders Practitioners’ Common Unit and the centres specialised in the different aspects of control and surveillance of land, air, and maritime borders respectively, which have been set up by Member States, the Agency may, in accordance with the procedure laid down in Article 13, create specialised branches responsible for dealing with land, air, and maritime borders;
(12) Voortbouwend op de ervaringen van de gemeenschappelijke instantie van buitengrensdeskundigen en de door de lidstaten opgerichte centra die gespecialiseerd zijn in de verschillende aspecten van controle en bewaking van respectievelijk land-, lucht- en zeegrenzen, kan het agentschap, overeenkomstig de in artikel 13 vastgelegde procedure, gespecialiseerde bijkantoren oprichten die verantwoordelijk zijn voor land-, lucht- en zeegrenzen.