Bearing in mind their legislative capacities and responsibilities and without prejudice to the subsidiarity principle, Member States may promote measures and policies to increase awareness and scientific knowledge about these soils and to protect, preserve and improve their characteristics and functions where possible, especially where those soils, according to the assessment of the Member States, contribute to geological diversity or where they are a platform for valuable historical settlements, rural architecture and natural and cultural landscapes.
De lidstaten kunnen uit hoofde van hun wetgevingsbevoegdheden en -verantwoordelijkheden en zonder afbreuk te doen aan het subsidiariteitsbeginsel maatregelen en beleidsinstrumenten in gang zetten om het besef en de wetenschappelijke kennis omtrent dergelijke bodems en de bescherming, instandhouding en verbetering van hun karakteristieken en functies waar mogelijk te bevorderen, vooral wanneer deze bodems naar het oordeel van de lidstaten bijdragen aan de geologische diversiteit of als platform fungeren voor waardevolle historische nederzettingen, plattelandsarchitectuur of natuur- en cultuurlandschappen.