Le Conseil d’État affirme, de manière explicite, que le principe du “non bis in idem” doit être respecté par l’administration et que les “sanctions administratives () ont incontestablement un caractère à la fois préventif et répressif et qu’il y a lieu de considérer qu’elles présentent un caractère pénal” 40 .
De Raad van State heeft uitdrukkelijk gesteld dat het non bis in idem beginsel door de administratie gerespecteerd dient te worden en dat “administratieve sancties () ontegensprekelijk zowel preventief als repressief van aard zijn en dat er dus van moet uitgegaan worden dat het gaat om strafrechtelijke sancties” 40 .