(14) L'article 8b de la nouvelle section 4a prévoirait que toute personne qui importe, fournit à autrui ou commercialise du bois créosoté non touché par l'interdiction doit tenir un registre pour ce bois et prouver, sur demande, que le bois créosoté en question n'est pas destiné à des applications frappées par l'interdiction.
(14) Artikel 8b van de nieuwe paragraaf 4a bevat de verplichting dat degene die gecreosoteerd hout dat niet onder het verbod valt, invoert, aan een ander ter beschikking stelt of voor handelsdoeleinden voorhanden heeft, een zodanige administratie van dat gecreosoteerd hout moet houden dat desgevraagd op basis daarvan kan worden aangetoond dat het gecreosoteerde hout niet bestemd is voor toepassingen waarop het verbod betrekking heeft.