14. réaffirme sa conviction que la lutte contre le terrorisme doit être menée dans le respect absolu des droits de l'homme, des libertés civiles et de l'État de droit; demande la libération immédiate et sans condition de toutes les personnes séquestrées en Colombie et, avant tout, de celles qui sont malades; estime que cette libération doit être le résultat d'une décision unilatérale des FARC ou de toute autre organisation responsable de l'enlèvement ou, à défaut, d'un accord d'échange humanitaire d'urgence;
14. herhaalt dat het zijn overtuiging is dat het terrorisme moet worden bestreden met de meest strikte inachtneming van de mensenrechten, de burgerlijke vrijheden en de beginselen van de rechtsstaat; dringt aan op de onvoorwaardelijke en onmiddellijke vrijlating van alle in Colombia ontvoerde personen, en in de eerste plaats de zieken onder hen; is van mening dat deze vrijlating moet plaatsvinden op grond van een unilateraal besluit van de FARC of welke andere organisatie ook die verantwoordelijk is voor hun ontvoering, of anders in het kader van een overeenkomst voor dringende humanitaire uitwisseling;