Art. 8. Le Ministre peut prévoir des exemptions aux obligations mentionnées aux articles 4, 5, 6 et 7 pour des véhicules fabriqués en petites séries et exemptés par Nous de certaines dispositions de l'arrêté royal du 15 mars 1968, sur la base de l'article 8, alinéa 2, point a) de la directive 70/156/CEE.
Art. 8. De Minister kan voor in kleine series gefabriceerde voertuigen die door Ons op grond van artikel 8, lid 2, onder a) van richtlijn 70/156/EEG vrijgesteld zijn van sommige bepalingen van het koninklijk besluit van 15 maart 1968, vrijstelling verlenen van de verplichtingen vermeld in de artikels 4, 5, 6 en 7.