Art. 21. § 1. Les propriétaires du bien immobilier ou du droit réel à exproprier et les détenteurs de droits réels et de droits personnels sur le bien ou le droit réel à exproprier peuvent introduire leurs positions, remarques et objections sur la décision d'expropriation provisoire consultable, au plus tard le dernier jour du délai de l'enquête publique :
Art. 21. § 1. De eigenaars van het te onteigenen onroerend goed of zakelijk recht en de houders van zakelijke rechten en van persoonlijke rechten op het te onteigenen goed of zakelijk recht kunnen uiterlijk de laatste dag van de termijn van het openbaar onderzoek hun standpunten, opmerkingen en bezwaren over het ter inzage gelegde voorlopige onteigeningsbesluit indienen: