De bestreden wet schendt de artikelen 10, 11 en 163 van de Grondwet alsmede artikel 83quinquies van de bijzondere wet van 12 januari 1989 met betrekking tot de Brusselse instellingen, doordat het beroep dat erbij wordt ingevoerd tegen de gemeentebelastingen in het Waalse en in het Vlaamse Gewest van administratieve aard is en bij de bestendige deputatie moet worden ingesteld, terwijl in het Brusselse Hoofdstedelijke Ge
west het beroep een jurisdictioneel karakter heeft en voor het rechtsprekend college wordt ingesteld; bovendien kan enkel tegen de beslissingen van de bestendige deputatie een beroep worden ingesteld bij het hof van beroep
...[+++], terwijl tegen de beslissingen van het rechtsprekend college enkel een beroep tot vernietiging kan worden ingesteld bij de Raad van State overeenkomstig artikel 14 van de gecoördineerde wetten op de Raad van State.Das angefochtene Gesetz verstosse gegen die Artikel 10, 11 und 163 der Verfassung sowie Artikel 83quinquies des Sondergesetzes vom 12. Januar 1989 bezüglich der Brüsseler Institutionen, insofern die dadurch gegen die Gemeindesteuern in der Wallonischen und der Flämischen Region eingeführte Beschwerde administrativer Art sei und beim ständigen Ausschuss einzureichen sei, während sie in de
r Region Brüssel-Hauptstadt gerichtlicher Art sei und beim rechtsprechenden Kollegium eingereicht werde; überdies könnten die Beschlüsse des ständigen Ausschusses nur Gegenstand eines Einspruchs beim Appellationshof sein, während die Beschlüsse des recht
...[+++]sprechenden Kollegiums nur Gegenstand einer Nichtigkeitsklage beim Staatsrat gemäss Artikel 14 der koordinierten Gesetze über den Staatsrat sein könnten.