Art. 18. Het situatie-overzicht bedoeld in artikel 14 wordt periodiek aan de minister-president, aan de minister van begroting en aan de toezichthoudend minister voorgelegd volgens de frequentie waarvoor de toezichthoudend minister kiest, maar die niet minder kan bedragen dan één presentatie van het situatie-overzicht per jaar.
Art. 18 - Der in Artikel 14 erwähnte Arbeitsbericht wird regelmässig dem Minister-Präsidenten, dem Minister des Haushalts und dem Aufsichtsminister nach einer durch Letzeren ausgewählten Häufigkeit unterbreitet, die nicht unter einmal pro Jahr liegen darf.