In dit verslag wordt meer in het bijzonder ingegaan op de passende omvang van het eigen vermogen waarover een dochteronderneming dient te beschikken wanneer zij deel uitmaakt van een groep die aan de voorwaarden van deze onderafdeling voldoet, de vorm die de groepsondersteuning dient aan te nemen, de toelaatbare omvang van de groepsondersteuning en de vraag vanaf welke omvang van het eigen vermogen de afwijkingen waarin de artikelen 236, 237 en 238 voorzien, niet meer van toepassing zijn.
This report shall address in particular the appropriate level of own funds which a subsidiary is required to hold where it belongs to a group fulfilling the conditions of this subsection, the form which group support is required to take, the allowable amount of group support and the level of own funds at which the derogations provided for in Articles 236, 237 and 238 shall cease to apply.