De aard van de rechtsbetrekking tussen de werknemer en de werkgever is niet van belang om vast te stellen of de eerste al dan niet een werknemer is: de definitie van werknemer geldt zowel voor personen met een publiekrechtelijke status (ambtenaren en werknemers in de overheidssector met een publiekrechtelijk arbeidscontract) als een privaatrechtelijk contract (ook in de overheidssector)[34]. Iemand met een contract voor occasionele arbeid (bijvoorbeeld een oproepcontract[35]) wordt ook als een werknemer beschouwd op voorwaarde dat zijn activiteiten reëel en daadwerkelijk zijn en aan de andere voorwaarden van de EU-definitie voldoen.
The nature of the legal relationship between the employee and the employer is of no consequence in terms of determining the former’s status as a worker: public law status (civil servants and public sector employees with a work relationship under public law) and private law contracts (also in the public sector) are covered[34]; a person with a contract for occasional employment, such as an on-call contract[35], would also fall within the definition of a worker as long as the activities performed are effective and genuine and fulfil other conditions in the EU definition.