18. is van mening dat de vrijhandelszone vergezeld dient te gaan van de gefaseerde, conditionele invoering van vrij verkeer van werknemers, rekening houdend met de situatie op de Europese arbeidsmarkt en hoe er momenteel in de internationale gemeenschap wordt gedacht over de verbanden tussen migratie en ontwikkeling; acht het dringend noodzakelijk om juridische en administratieve procedures vast te stellen om de visumverlening te vergemakkelijken, met name voor de partijen in het Euromediterrane partnerschap, studenten, universitaire medewerkers en sociaal-economische actoren;
18. Takes the view that the free trade area should be complemented by the phased introduction, subject to conditions, of free movement for workers, whilst taking account of the situation on the European employment market and current thinking in the international community on the links between migration and development; regards it as a matter of urgency to establish legal and administrative procedures to facilitate the granting of visas, in particular for the stakeholders in the Euro-Mediterranean partnership, students, university staff and socioeconomic actors;