55. wijst erop dat het energieverbruik in gebouwen in 2010 het grootste aandeel vormde van het totale eindenergieverbruik in de EU –
40%, waarvan 26,7% huishoudelijk verbruik – en dat dit verbruik goed was voor 36% van de CO2 -uitstoot van de Unie; betreurt het feit dat de meeste lidstaten tekortschieten wat de volledige benutting van het energiebesparingspotentieel in gebouwen betreft; verzoekt de Commissie manieren te vinden om de inspanningen aan te moedigen om ervoor te zorgen dat het grootste energiebesparingspotentieel niet onbenut blijft, door voorstellen in te dienen met duidelijke doelstellingen wat het energieverbruik van geb
...[+++]ouwen in de lidstaten betreft;
55. Points out that in 2010 the energy consumption in buildings constituted the largest share of the total final energy consumption in the EU – 40 %, of which households accounted for 26,7 % – and that this consumption accounted for 36 % of the Union’s CO2 emissions; regrets that most Member States fall short when it comes to making full use of the energy saving potential of buildings; calls on the Commission to find ways to encourage efforts to ensure that the greatest energy saving potential does not remain untapped by delivering proposals for clear objectives as regards to the energy consumption of buildings in Member States;