Deze verplichting voor de gerechtelijk autoriteiten om de verdachte over zijn rechten te informeren moet teruggekoppeld worden aan de grondslag van de Salduz-leer, namelijk het nemo tenetur-beginsel, inzonderheid het zwijgrecht, dat een kernbegrip is in de bescherming van het recht op een eerlijk proces (art. 6 EVRM) (T. Decaigny en J. Van Gaever, « Salduz : Nemo tenetur en meer ..».
Cette obligation des autorités judiciaires d'informer le prévenu de ses droits doit être mise en corrélation avec le fondement de la doctrine de Salduz, à savoir le principe « nemo tenetur et, en particulier, le droit de garder le silence, qui est un concept clé de la protection du droit à un procès équitable (article 6 de la CEDH) (T. Decaigny et J. Van Gaever, « Salduz: Nemo tenetur en meer ..».