Art. 13. § 1. De door de Franse Gemeenschap gesubsidieerde personeelsleden die door de Provincie Brabant of de Franse Gemeenschapscommissie een geldelijke anciënniteit erkend hebben gekregen die hoger ligt dan deze die wordt toegestaan door de Franse Gemeenschap, verkrijgen een complement dat gelijk is aan het door het erkende anciënniteitsverschil gegenereerde weddeverschil.
Art. 13. § 1er. Les agents subventionnés par la Communauté française s'étant vu reconnaître par la Province de Brabant ou la Commission communautaire française une ancienneté pécuniaire supérieure à celle admise par la Communauté française perçoivent un complément égal à la différence de traitement générée par la différence d'ancienneté reconnue.