Q. overwegende dat artikel 211 van het EG-Verdrag het volgende bepaalt: "Ten einde de werking en de ontwikkeling van de gemeenschappelijke markt te verzekeren
, doet de Commissie aanbevelingen (...) over de in dit
Verdrag behandelde onderwerpen, indien het Verdrag dit uitdrukkelijk voorschrijft of indien zij dit noodzakelijk acht", maar dat ingevolge artikel 249, alinea 5 aanbevelingen niet verbindend zijn en naar het oordeel van het Hof beschouwd moet
...[+++]en worden als "maatregelen die, zelfs ten opzichte van personen tot wie zij zijn gericht, niet bedoeld zijn om een bindend gevolg teweeg te brengen" , en geen rechten scheppen waarop individuen voor een nationale rechtbank aanspraak kunnen maken , terwijl artikel 230 van het EG-Verdrag de nietigverklaring van aanbevelingen uitsluit omdat zij niet bindend zijn; Q. considérant que l'article 211 du traité CE prévoit: "[en] vue d'assurer le fonctionnement et le développement du marché commun, la Commission [...
] formule des recommandations [...] sur les matières qui font l'objet du présent traité, si celui-ci le prévoit expressément ou si elle l'estime nécessaire"; qu'il ressort toutefois de l'article 249, cinquième alinéa, du traité, que les recommandations ne lient pas et sont, selon la Cour, "des actes qui, même à l'égard de leurs destinataires, ne visent pas à produire des effets contraignants" et ne créent pas des droits que les particuliers peuvent invoquer devant une juridiction nationale
...[+++] ; considérant que l'article 230 du traité CE exclut du contrôle de légalité les recommandations, étant donné qu'elles ne lient pas,