In dit amendement wordt rekening gehouden met het arrest van het Europees Hof voor de rechten van de mens van 21 januari 1999 in de zaak Van Geyseghem versus België, waarin het Hof heeft geoordeeld dat een beschuldigde het recht om effectief te worden verdedigd door een advocaat niet verliest alleen vanwege zijn afwezigheid op de debatten.
Cet amendement tient compte de l'arrêt rendu par la Cour européenne des droits de l'homme du 21 janvier 1999 dans l'affaire Van Geyseghem c. Belgique, laquelle a considéré qu'un accusé ne perd pas le bénéfice du droit à être effectivement défendu par un avocat du seul fait de son absence aux débats.