Het Europees Hof voegde eraan toe : « Bovendien is de op de sanctie uitgevoerde controle met volle rechtsmacht gebeurd in zoverre de administratieve rechtbank van Latium en de Raad van State het afgestemd zijn van de sanctie op het gepleegde misdrijf hebben kunnen nagaan en in voorkome
nd geval de sanctie hadden kunnen vervangen [...]. In het bijzonder heeft de Raad van State, door verder te gaan dan een ' externe ' controle op de logische samenhang van de motivering van [de administratieve overheid],
een gedetailleerde analyse gemaakt v ...[+++]an het afgestemd zijn van de sanctie ten opzichte van de relevante parameters, met inbegrip van de evenredigheid van de sanctie zelf » ( §§ 65-66).
Elle a ajouté : « De plus le contrôle effectué sur la sanction a été de pleine juridiction dans la mesure où le TAR et le Conseil d'Etat ont pu vérifier l'adéquation de la sanction à l'infraction commise et le cas échéant auraient pu remplacer la sanction [...] En particulier, le Conseil d'Etat, en allant au-delà d'un contrôle ' externe ' sur la cohérence logique de la motivation de [l'autorité administrative], s'est livré à une analyse détaillée de l'adéquation de la sanction par rapport aux paramètres pertinents, y compris la proportionnalité de la sanction même » ( §§ 65-66).