Een strikte lezing van de in het Wetboek van de inkomstenbelastingen opgenomen bepaling impliceert dat personen die energiebesparende werken laten uitvoeren aan het eigendom van een derde en geen van de in artikel 145/24 opgesomde hoedanigheden bezitten, de facto geen aanspraak kunnen maken op de belastingaftrek.
Si on lit strictement la disposition prévue au Code des Impôts, elle prive de facto de toute déductibilité celui qui ferait des travaux économiseurs d'énergie sur le bien d'un tiers, sans avoir l'une des qualités reprises dans l'article 145/24.